Lezing genetica op 24 november 2019

Lezing genetica op 24 november 2019
Aanvang: 13.00 uur  Zal open om 12:30 u
Plaats: dorpshuis de Biezen, Bongerd 4, 4124 AK Hagestein

Tijdens onze laatstgehouden Algemene Vergadering werd door Irja Schierbeek de vraag gesteld of het mogelijk zou zijn om de DNA testuitslagen van reuen op het haarlengte locus en de DNA testen voor die van de vacht-kleur locus K en A te publiceren. Daarmee kan worden aangegeven in hoeverre sprake is van (kortharige) reuen die (ook) langhaar kunnen vererven. Korthaar Weimaraners kunnen heterozygoot zijn op de locus waar de haarlengte bepaald wordt. Vaak is dat aan het uiterlijk van de hond zelf niet te zien. De hond ziet er uit als een normale kortharige Weimaraner. Als men echter twee korthaar Weimaraners met elkaar kruist die toevallig allebei heterozygoot voor het langhaargen zijn (drager dus), dan is volgens de wetten van Mendel de kans groot dat er in het nest 25% langhaar pups, 25% fokzuivere korthaar pups en (net als de ouderdieren) 50% qua uiterlijk kortharen maar wel dragers van het langhaar gen, voort zullen komen.
Aangezien dit vaker voor zal komen is het belangrijk om meer te weten te komen hoe deze vererving precies werkt om vervolgens de informatie daarover te delen op de dekreuenlijst.

Een langhaarreu uit twee kortharige ouderdieren

Een ander punt dat Irja aansneed is dat zij van mening is dat de vachtkleur DNA uitslagen gepubliceerd zouden moeten worden. Ofschoon de Weimaraner maar één kleur behoort te hebben (er zijn drie verschillenden tinten grijs toegestaan met hooguit een kleine witte borstvlek) komt van tijd tot tijd ook een zogenaamde brand (een rood-gele tan aftekening) voor. Dit terwijl de beide ouderdieren zelf egaal grijs zijn. Ook hierop kan men de ouderdieren laten testen. De DNA test op kleur en dan met name die op de K-locus is in dit geval de aangewezen manier.

Weimaraner met tan aftekening (brand)

Aan de hand van DNA testuitslagen kan zowel over de vachtkleur als de vererving van langhaar een uitspraak worden gedaan. Het Bestuur vond dit een uitgelezen onderwerp om eerst in het fokkersoverleg te bespreken. Irja bood aan om een lezing over dit onderwerp te doneren en daarvoor is de vereniging haar uiteraard zeer erkentelijk.

Marjoleine Roosendaal is door Irja aangezocht om op 24 november 2019 over beide bovenstaande onderwerpen een lezing te verzorgen en vragen te beantwoorden.

Naast de kleur en vachtvererving is er natuurlijk veel meer te vertellen als het gaat om het fokken van gezonde Weimaraners en hoe populatiegenetica ons daarbij kan helpen. Om die reden heeft het Bestuur dr. Jack Windig bereid gevonden om de populatie Weimaraners in ons land onder de loep te nemen en aan de hand van de uitkomsten van zijn onderzoek de vereniging verder op weg te helpen.

Op social media wordt de vraag wel gesteld hoe het nu staat met het maximaal aantal dekkingen voor de reu (voor korharen vier en langharen drie)? Duidelijk is dat een beperking van het aantal dekkingen een probaat middel is om te voorkomen dat (door een achteraf vastgestelde) erfelijke afwijking een te groot deel van de populatie daarmee behept zou worden. Maar klopt dat maximaal aantal dekkingen nog wel? Moet het omhoog, of juist omlaag?

Hoe zit het met een aandoening als epilepsie? Wat bij alle rassen in meer of mindere mate voorkomt, maar bij de Weimaraner ook zeker een punt van aandacht is. De mate waarin niet alleen bewezen dragers, maar ook verdachte dragers van het gen dat primaire epilepsie veroorzaakt uitgesloten van de fokkerij kunnen worden is sterk afhankelijk van de omvang van de genetische variatie binnen de populatie Weimaraners.

Kortom, ook Jack Windig zal ons een inspirerend betoog voor gaan schotelen waar eenieder die betrokken is bij de fokkerij van Weimaraners naar uit mag zien.

Niet alleen fokkers en dekreu-eigenaren die lid zijn van onze vereniging zijn natuurlijk van harte welkom; ook leden die (nog) niet betrokken zijn bij het fokken van Weimaraners worden uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. U steekt er in elk geval veel van op, zo luidt onze verwachting.

De sprekers

Marjoleine Roosendaal is wetenschapsjournalist en heeft zich gespecialiseerd in fokkerij en genetica. Zij geeft al jaren les en geeft haar cursussen, lezingen en workshops door het hele land. Zij is ook fokker, exposant en keurmeester en kent de kynologie dus van alle kanten. Door haar werk is ze nauw betrokken bij en adviseur voor diverse rassen.

 

dr. J.J. (Jack Windig) is als Quantitative Geneticist verbonden aan de Universiteit Wageningen, waarbij hij zich o.a. bezighoudt met populatiegenetica, inteelt en diversiteit bij rashonden en het fokken gericht op gezondheid en dierenwelzijn. Een van zijn sterke punten is, dat hij complexe genetische vraagstukken op een begrijpelijke wijze van een uitleg kan voorzien. Jack heeft samen met Kor Oldenbroek in opdracht van de Raad van Beheer en het Ministerie van LNV het boek “Het fokken van rashonden: omgaan met verwantschap en inteelt” geschreven dat op de site van de Raad van Beheer kan worden gedownload: (https://www.houdenvanhonden.nl/globalassets/rvb_hetfokkenvanrashonden_20121029_01.pdf ).
Zijn lezing zal gaan over aanverwantschap en inteelt waarbij hij zich zal richten op de populatie Weimaraners aan de hand van actueel onderzoek, waarvan de resultaten door hem op 24 november a.s. bekend zullen worden gemaakt.

Wilt u nu al meer weten over DNA onderzoek er wat daarmee mogelijk is, raadpleeg dan eens op de website van de Raad van Beheer: https://www.houdenvanhonden.nl/gezondheid-en-gedrag-van-je-hond/dna-onderzoek-bij-je-hond/

10-11-2019 Zweetspoor F

Het doel van deze proef is het vaststellen van de mate van geschiktheid van de deelnemende honden voor de nazoek op ziek grofwild. Om aan deze proef te mogen deelnemen moet de hond de aantekening Sv (zie Artikel II.A.7), een overeenkomstige buitenlandse aantekening hebben behaald of een SJP C diploma. De proef wordt beoordeeld door twee keurmeesters.

De sporen worden gelegd in enigszins onoverzichtelijke, voldoende met schaalwild bezette percelen, bij voorkeur afwisselend terrein bestaande uit bospercelen, kaalslagen, dekkingen en bosweitjes; openbare wegen en veel belopen paden dienen zo mogelijk te worden vermeden. Indien de bodem is bedekt met sneeuw mogen geen sporen worden gelegd. De lengte van het spoor De lengte van elk spoor is ongeveer 500 meter. Het spoor dient bij voorkeur licht gebogen te zijn en dient enigszins slingerend te verlopen. Haken, wondbedden en verwijspunten In het spoor moeten twee rechthoekige haken, één wondbed en drie verwijspunten voorkomen. Per 100 meter spoor wordt ongeveer 25 ml zweet van schaalwild gebruikt. Bij aanvang van de proef dient het spoor minimaal twintig en maximaal vierentwintig uur oud te zijn.

Inschrijven via Orweja

Uitslag ZSP 3-11-2019

Puntenlijst Zweet- en sleepspoorproef 3 november 2019 SintNicolaasga
zweetspoor haarwildsleep veerwildssleep uitslag
naam van de hond eigenaar/voorjager neus spoorzekerheid zelfstandigheid uitvoering spoorwil apport uitvoering spoorwil apport
Kharo Yerah v.d. Pauwenkamp Guus Otten-Lamers 3 2 2 0 0 0 2 3 3 niet behaald
Mystical Shadows Jumping Jacob Sandra Boshoven 2 2 2 3 3 3 3 3 2 behaald
Felsin's King a Kong Irja Schierbeen 2 2 2 3 3 3 4 4 4 behaald
Jip Roy Lamie 4 3 4 3 3 3 2 2 2 behaald
Odette Laika from Field and Forrest Menno Wagenaar 2 2 2 3 3 3 0 0 0 niet behaald
Windfall Grey Couldn't Resist Carlijn Kniest 4 4 4 3 3 4 4 4 4 behaald

03-11-2019 Zweet- en Sleepspoor Proef*

Zondag 3 november 2019 is de Zweet en sleepspoorproef

Zweet- en Sleepspoor Proef
Doel van de zweet- en sleepspoorproef is om door middel van kunstmatige sporen die de jachtpraktijk zoveel mogelijk benaderen, de deelnemende honden te testen op een voor het nazoek van ziekgeschoten wild bijzondere aanleg. Niet de bedoeling is dat na het behalenvan de zweet- en sleepproef men zich plaats op een lijst van ervaren nazoek ZweethondenDe zweet- en sleepspoorproef bestaat uit de volgende onderdelen:

1. Zweetwerk
2. Haarwildsleep
3. Veerwildsleep

Zweetsporen
De lengte van het zweetspoor bedraagt minimaal 450 en maximaal 600 meter. Het spoor is gelegd is het bos, met inbegrip van enige open plekken en kaalslagen. Een spoor kent geen rechte stukken, minstens twee haken alsmede twee wondbedden, welke zijn gemarkeerd,de aanwezigheid van snijhaar en extra bloed. Alle zweet kunst of natuur meldt de voorjager aan de keurmeesters. Het spoor is in zijn geheel licht gebogen. De ruimte tussen twee verschillende zweetsporen dient over de gehele lengte 100 meter te bedragen. Na vijftig tot
100 meter wordt de eerste haak aangebracht. Na circa 100 meter kan het eerste wondbed worden aangetroffen. Voor het spoor mag niet meer dan een 1/4 liter bloed zijn gebruikt. Het spoor dient bij het uitwerken minimaal drie uur oud te zijn en maximaal zes en half uur oud. De aangenomen post van de schutter wordt met een plaatsbreuk gemarkeerd. Elk spoor heeft een nummer, bij loting worden de sporen aan de deelnemers toegewezen.

Haarwildsleep
De haarwildsleep wordt door het bos gelegd, is 200 à 250 meter lang en heeft twee stompe haken. Er kunnen twee stuks wild worden gebruikt, één als sleepwild en één als te apporteren wild, welke beide aan het eind van de sleep worden gelegd. De keurmeester die Proevenreglement zoals dat luidt met ingang van 16 april 2016 de sleep heeft getrokken blijft aan het einde van het spoor achter, waar hij zich verdekt opstelt ten einde het gedrag van de hond te kunnen beoordelen bij het einde van de sleep en het opnemen van het wild. De andere keurmeester stelt zich aan het begin van het sleepspoor op, zodat hij de uitvoering van het eerste deel van het uitwerken van het sleepspoor alsook het afgeven van het wild aan de voorjager kan beoordelen. De voorjager mag de hond de eerste 30 meter van het spoor begeleiden.

Veerwild sleep
De veerwildsleep wordt waar mogelijk in open land (gras) gelegd, is 100 tot 150 meter lang en heeft twee stompe haken. Er worden twee stuks wild gebruikt, één als sleepwild en één als te apporteren wild, welke beide aan het eind van de sleep worden gelegd. De keurmeester die de sleep getrokken heeft blijft aan het einde van het sleepspoor achter, waar hij zich verdekt opstelt ten einde het gedrag van de hond te kunnen beoordelen bij het einde van de sleep en het opnemen van het wild. De andere keurmeester stelt zich aan het begin van het sleepspoor op, zodat hij de uitvoering van het eerste deel van het uitwerken van het sleepspoor alsook het afgeven van het wild aan de voorjager kan beoordelen.De voorjager mag de hond de eerste 30 meter van het spoor begeleiden.Het bovenstaande is een gedeelte van de proevenuitleg. De volledige uitleg vind je in de bibliotheek bij de tab proevenuitleg.

Inschrijfformulier Zweet en sleepspoorproef

Zondag 3 november 2019 te Sint Nicolaasga Deelnamekosten zijn 32 euro per hond en alleen voor leden.

Tamara van den Dam-Sloof
Raadhuisstraat 7
3461 CV Linschoten
E-mail: jachtproeven@weimaraners.nl

De verenigingsevenementen zijn bedoeld voor leden van de Vereniging Weimarse Staande Hond. Derhalve dienen de voorjager én de eigenaar of mede-eigenaar van de hond lid te zijn van de vereniging.
Bij inschrijving is de deelnemer inschrijfgeld verschuldigd. Dit kan overgemaakt worden op:
Rekeningnummer: NL16ABNA0477793657 t.n.v. Vereniging De Weimarse Staande Hond, onder vermelding van de naam van de hond en de datum van de proef.
Kosten voor de Zweet en sleepspoorproef (ZSP) bedraagt € 32,00 per hond.

De beschrijving van de proeven en van toepassing zijnde reglementen zijn te vinden op de site van de WSH, onder het kopje Vereniging WSH.

19-10-2019 Jongehondendag

Waarom een JongeHondenDag?

Menige eigenaar zal nog onder de indruk zijn van het temperament, lichtelijk radeloos omdat er van alles gebeurd wat niet gewenst is, wat wel gewenst is gebeurt niet kortom….opvoedproblemen. De fokker zal graag willen weten wat er met zijn pup gebeurt en hoe die zich ontwikkeld. Daarom organiseert de WSH jaarlijks de JongeHondenDag om beide partijen de mogelijkheid te bieden elkaar weer te treffen en antwoorden te geven op alle vragen. Heeft u dit niet nodig dan maken we er een gezellige dag van.

De keurmeesters beoordelen de jonge honden – rekening houdend met leeftijd en ringervaring (niet vereist) en geven een toekomstverwachting. Het is geen wedstrijd, er volgt dan ook geen plaatsing. Hierna geven ze ook hun mening over het hele nest in aanwezigheid van de ouderdieren. Dit onderdeel is voor de fokker heel belangrijk. Hier staat of valt of zijn keuze wordt bevestigd of dat een andere combinatie wenselijk is.

Op deze dag heeft de WSH alle expertise aanwezig. Voor vragen of adviezen bent u bij het secretariaat altijd welkom – zij helpen u verder of brengen u in contact met de juiste persoon of organisatie.

Inschrijving voor de Jongehondendag staat open voor honden die geboren  zijn tussen 13-06-2018 en 19-06-2019.

De keuringen starten om 10:00 u in de ochtend met de jongste pups. In de middag komen de oudere jongehonden aan bod.
U ontvangt een week voor dit evenement de uitnodiging met de melding of u in de ochtend danwel de middag verwacht word.

Inschrijving is gesloten